Simson en Delila

Ja, mooi verhaal. Maar is je ooit wel eens verteld waar dit verhaal nou eigenlijk over gaat? Dat ga ik dan maar es doen. Het namelijk een verhaal van iemand die tot zelfverwerkelijking komt na zijn reis door de materie. Wauw!! Hoe dan?? Lees verder…

De Geboorte en de Nazireër-eed

In een tijd waarin de Israëlieten onderdrukt werden door de Filistijnen, leefde er een man genaamd Manoach en zijn onvruchtbare vrouw. De Engel van de Heer verscheen aan de vrouw en kondigde aan dat zij zwanger zou worden van een zoon. Deze zoon zou een bijzondere taak krijgen: hij zou beginnen met de bevrijding van Israël uit de handen van de Filistijnen.
Aan deze geboorte was een strikt levenslang protocol verbonden. Het kind moest vanaf de moederschoot worden gewijd aan God als een Nazireër. De regels waren onverbiddelijk: hij mocht geen wijn of sterke drank drinken, geen onrein voedsel eten, en er mocht nooit een scheermes over zijn hoofd gaan. De vrouw baarde een zoon en noemde hem Simson. De jongen groeide op en de Geest van de Heer begon in hem te werken.

Simson De naam Simson (in het Hebreeuws Shimshon) komt rechtstreeks van het woord Shemesh, wat “Zon” betekent. Simson betekent letterlijk “Zanger van de Zon”, “Zonnekind” of “Zonlicht”. Simson vertegenwoordigt het Zonne-aspect in de mens — de neerdalende ziel, het pure bewustzijn, of het actieve licht (de Geest) dat zich in de stof (het lichaam) gaat manifesteren.

Zijn vader Manoach Komt van de Hebreeuwse wortel N-W-CH (נוח), wat “rusten”, “comfort” of “verblijfplaats” betekent. Noach betekent simpelweg “Rust” of “Troost”. Manoach betekent letterlijk “Rustplaats” of “Plaats van kalmte”.
Voordat de zonne-energie (Simson) in de wereld kan indalen, moet de basis waarin hij geboren wordt in een staat van Manoach zijn: een staat van innerlijke rust, meditatie en kalmte. Manoach vertegenwoordigt hier het verstand, de ratio, de uiterlijke vorm en het intellect. Hij moet in een zekere rust zijn, er moet veiligheid zijn voor een geboorte, een gezin.

Zijn moeder De vrouw vertegenwoordigt de intuïtie, het gevoel, de overgave en het dragende, ontvangende aspect (het hart/de ziel). En dat kan dus pas als de man in een plaats van rust is. Maar de man (ofwel zijn analytische geest is vaak te rigide, te druk met de buitenwereld of te ‘onvruchtbaar’ in zijn eentje om rechtstreeks spirituele impulsen te ontvangen. De intuïtie (de vrouw) is stil, ontvankelijk en zuiver genoeg om te communiceren met een hoger bewustzijn (de Engel). Pas nadat de vrouw de ingeving krijgt, wordt de man erbij betrokken. Het laat zien dat spirituele vernieuwing of een ‘nieuwe geboorte’ in de mens altijd via de intuïtie het bewustzijn binnenkomt, en pas daarna door het verstand wordt begrepen en georganiseerd. Bovendien is de vrouw ‘onvruchtbaar’: dit betekent dat er vanuit de normale menselijke natuur niks nieuws meer geboren kan worden. Er is een goddelijke impuls van bovenaf nodig.

Nazireër Een Nazireër is iemand die zijn of haar leven wijdt aan de unversele connectie, ofwel aan het “zoeken naar God”. Daar zijn wel wat regels aan verbonden die anders dei zoektocht belemmeren. Alcohol belemmerd de doorstroming van de energie door de zenuwbanen, het is gif voor de zenuwen. De zenuwen moet in staat zijn een zeer subtiele kosmische energie te geleiden. Onmogelijk in combinatie met alcohol. Het haar is een teken van creative kracht, creatieve goddelijke kracht. Het haar wordt vaak gezien als soort van kosmische antennes. Die fijngevoelige antennes mogen niet worden beschadigd. Zijn dieet moet zuiver en schoon zijn, wederom om zijn zenuwen in staat te stellen om de fijngevoelige energie te dragen.

De geest van de Heer De geest van de Heer is de kundalini die aan de basis van de ruggegraat ligt. De kundalini is in Simson ontwaakt. Daarvoor zijn dus zuivere zenuwen nodig. De energie loopt niet meer alleen door de zuiver menselijke kanalen de Ida en de Pingala. de energie wordt door het spanningsveld tussen de schone Ida en de Pingala in de het kanaal daartussen getrokken, in de Sushumna. In dat kanaal werkt de geest des Heren.

De Leeuw en het Raadsel van de Honing

Toen Simson volwassen was, viel zijn oog op een Filistijns meisje in de stad Timna. Ondanks de bezwaren van zijn ouders, die wilden dat hij een vrouw uit zijn eigen volk koos, zette Simson zijn wil door.
Tijdens de reis naar Timna werd Simson plotseling aangevallen door een jonge, brullende leeuw. De Geest van de Heer overmeesterde hem, waardoor Simson de leeuw met zijn blote handen verscheurde alsof het een bokje was. Hij vertelde niemand over het voorval. Toen hij enige tijd later langs dezelfde weg terugkeerde om te trouwen, week hij af om naar het karkas van de leeuw te kijken. Tot zijn verbazing had zich in het dode lichaam een bijenzwerm genesteld die honing had geproduceerd. Simson schraapte de honing eruit, at ervan tijdens het lopen en gaf er ook aan zijn ouders.
Op zijn bruiloftsfeest daagde Simson dertig Filistijnse feestgangers uit met een raadsel, gebaseerd op dit geheim:
“Eten kwam uit de eter, zoetheid uit de sterke.”
De Filistijnen wisten het antwoord niet en bedreigden Simsons bruid om het geheim te ontfutselen. Zij huilde en smeekte Simson dagenlang om de uitleg, tot hij bezweek en het haar vertelde. Zij speelde de oplossing direct door aan de mannen. Voordat de zon op de zevende dag onderging, zeiden ze tegen Simson: “Wat is zoeter dan honing, wat is sterker dan een leeuw?” Simson doorzag het verraad en antwoordde: “Als jullie niet met mijn kalf hadden geploegd, hadden jullie mijn raadsel niet geraden.” In grote woede doodde hij dertig Filistijnen in de stad Askelon om met hun kleren zijn schuld te betalen, waarna hij terugkeerde naar zijn vaderlijk huis.

Het raadsel: de honing in de leeuw De leeuw staat voor uiterlijk vertoon. Hij verslaat de leeuw. Als het uiterlijk vertoon niet meer belangrijk is kan de kundalini energie vrijelijk de andere hoger gelegen energie centra bereiken. Daar bereikt het de pijnappelklier en hypofyse. En in het dak van het verhemelte stroomt dan amrita naar beneden, die het lichaam onderhoudt. De honing staat voor de amrita. Hij vind die in het karkas van de leeuw, dus de dood van het uiterlijke vertoon.

Het Filistijns meisje uit Timna Toen Simson zijn ouders vertelde dat hij dit meisje wilde, waren ze geschokt. De Filistijnen waren immers de aartsvijanden die Israël onderdrukten. Maar in de tekst (Rechters 14:4) staat een heel belangrijk detail:
“Zijn vader en moeder wisten echter niet dat dit van de Heer kwam, want Hij zocht een aanleiding tegen de Filistijnen.” De Filistijnen staan symbool voor de ongezuiverde materiële wereld, het lagere astrale vlak (emoties, begeerten en het ego-systeem). Wanneer de kundalinin ontwaakt, kan deze niet meteen in de hoger gelegen energie centra (5e, 6e en 7e chakra) blijven hangen. De energie moet zich eerst verbinden met de materie. Je kunt de matrix niet transformeren als je er niet eerst instapt. Het gaat er om de fysieke belichaming te worden van de goddelijke geest. Het is de bedoeling van de kundalini (het kwam van de Heer) om via de materie, de materie te belevendigen. De weg is er doorheen.

Het huwelijk mislukte Het huwelijk hield geen stand omdat de Filistijnse bruid haar loyaliteit niet bij Simson had, maar bij haar eigen volk (de materie). Ze verraadde het geheim van zijn raadsel aan de dertig Filistijnse mannen. De lagere natuur (het ego, de matrix) zal altijd proberen om de hogere spirituele geheimen te misbruiken voor eigen gewin en controle. Zodra Simson de waarheid deelt met de lagere natuur, wordt het geheim ‘gecompromitteerd’. De dertig mannen (30 is het getal van de fysieke rijping en de maancyclus) gebruiken zijn eigen data tegen hem. Dit is de les dat de pure Kundalini-energie zich nooit permanent kan nestelen in een ongezuiverde, materiële structuur. De illusie dat Simson vreedzaam kon samenleven met de Filistijnen wordt hier aan diggelen geslagen.

De Vossen

Toen Simson later terugkeerde naar Timna om zijn vrouw op te zoeken, bleek haar vader haar aan een andere man te hebben gegeven. Als wraak ving Simson driehonderd vossen. Hij bond ze per twee aan de staarten aan elkaar, bevestigde een brandende fakkel tussen de staarten en liet ze los in de graanvelden, wijngaarden en olijfgaarden van de Filistijnen. Alles brandde tot de grond toe af. De Filistijnen namen wraak door de vrouw en haar vader levend te verbranden, waarna Simson op zijn beurt een grote slachting onder hen aanrichtte.

Haar vader gaf haar aan een ander
Simson was woedend en liep weg. Simson keerde even later terug om met het meisje te trouwen, maar de vader weigerde en zei: “Ik dacht dat je haar haatte, neem haar jongere zusje maar.” De vader van de bruid haar direct aan de ceremoniemeester (Simsons getuige). De ceremoniemeester is het uiterlijk vertoon. Als de ziel aangeboden wordt aan systemen die dat niet kunnen dragen valt die energie onmiddelijk terug in uiterlijk vertoon. Simson krijgt een mooier meisje aangeboden, maar hij begrijpt intussen dat jonger en mooier niet beter hoeft te zijn. Hij moet nu zich nu losmaken van zijn gehechtheid aan de materie. Hij moet zijn eerste chakra, muladhara onder controle brengen.

300 Vossen De vossen zijn de sluwheid en onbetrouwbaarheid van de lager mind. Die verzint altijd trucjes om er zelf beter van te worden. Het zijn er 300 omdat dat staat voor de volledige activatie van de vurige, transformerende Geest. Het is geen persoonlijke woede, maar een het verbranden van de lagere sluwe bedrieglijke aard die hij nu doorziet.
Hij bindt ze aan hun staarten omdat staarten het verleden weergeeft, dat wat achter ons ligt. En Sluwe gedachten willen allemaal een andere kant uit, het is garantie voor conflict.

Ezelkaak

Simson trok zich daarna terug in een rotsspleet in Etam. Een leger van drieduizend mannen uit Juda, doodsbang voor de Filistijnen, zocht hem op om hem over te leveren. Simson liet zich vrijwillig met twee nieuwe touwen vastbinden. Maar op het moment dat de Filistijnen hem juichend tegemoet liepen, braken de touwen om zijn armen als verbrande vlasdraden. Simson raapte de verse kaakweg van een ezel op en sloeg daarmee duizend Filistijnen dood. Vermoeid en met brandende dorst riep hij God aan, waarop God een holte in de grond deed splijten waar water uit stroomde, zodat zijn levenskracht terugkeerde.

De rotsspleet in Etam Het is een plaats van hoogte. Van waaruit hij met zijn geest de gebeurtenissen kan reflecteren en overzien.

3000 man Hij laat zich gevangen nemen door zijn eigen volk. Hij vecht niet tegen zijn eigen systeem. En het zijn er 3000. (het loopt op, eerst 30 dagen, toen 300 vossen, nu 3000 man). Dat wil zeggen dat zijn frequentie stijgt, nu krijgt hij te maken met de collectieve kracht. Hij heeft namelijk de Filistijnen flink gepest en er heerst een collectieve angst voor de Filistijnen. Hij heeft wel eerst bedongen dat zijn eigen volk hem niet doodt. Hij moet namelijk wel vertrouwen hebben in zijn eigen systeem. Maar de collectieve angst doet hem niets, vandaar dat hij de touwen gewoon verbreekt op zijn moment.

Ezelskaak Hij gebruikte de kracht van de materie, de traagheid, de koppigheid (waar de ezel voor staat) om de materie met eigen wapenen te verslaan. De kaak is vers omdat er levende energie in zit. Hij is een man van bezielde levende energie en niet van een dorre oude snel breekbare energie. Hij slaat er 1000 in elkaar. Het getal van 10x10x10, 3 dimensionale wereld, de materie wordt hier definitief overwonnen. Zijn strijd tegen de materie is nu over. En dat heeft hem uitgeput.

En-Hakkore: de Bron van de Roepende Hij is fysiek uitgeput, moe, dodelijk vermoeid. En hij vraagt zich af waar dat nou allemaal goed voor was. Hij roept om hulp voor hoe nu verder. Dan komt de bron, en hij drinkt water. Levend water wat hem geneest. het is een gevolg van het kundalini proces dat het je systeem vermoeid kan maken door het opbranden van alle oude patronen. Maar als dat gebeurt is kan de levenskracht vrijelijk stromen en genezend werken.

De Poorten van Gaza

Simson vertrok naar de Filistijnse stad Gaza. Hij nam zijn intrek bij een prostitue. Toen de inwoners ontdekten dat hij daar was, omsingelden ze de stadspoort om hem bij het ochtendgloren te doden. Simson bleef echter tot middernacht liggen. Toen stond hij op, greep de deuren van de stadspoort inclusief de beide posten en de grendel, trok ze met brute kracht uit de grond, legde ze op zijn schouders en droeg ze helemaal naar de top van de berg die tegenover Hebron ligt.

Delila en het Verraad van de Zeven Lokken

Hierna werd Simson verliefd op een vrouw in het dal van Sorek, genaamd Delila. De stadsvorsten van de Filistijnen boden haar elk duizendhonderd zilverstukken als zij de bron van Simsons immense kracht kon achterhalen, zodat ze hem konden overmeesteren en binden.
Drie keer probeerde Delila het geheim te ontfutselen, en drie keer loog Simson haar voor:
1. Hij zei dat hij zijn kracht zou verliezen als hij gebonden werd met zeven verse, nog vochtige pezen. Delila bond hem vast, maar zodra de Filistijnen hem overvielen, braken de pezen als een draad die te dicht bij het vuur komt.
2. Hij beweerde dat hij zwak zou worden met nieuwe touwen die nog nooit gebruikt waren. Ook deze braken als garen van zijn armen toen zij hem overvielen.
3. Hij vertelde haar dat zijn kracht zou verdwijnen als zij zijn zeven haarlokken in een weefgetouw zou weven. Zij deed dit terwijl hij sliep en zette het vast met een pin, maar bij het ontwaken trok hij de hele weefstoel met pin en al los uit de muur.
Toen bleef Delila hem dag aan dag bestoken met haar verwijten: “Hoe kun je zeggen dat je me liefhebt, als je hart niet bij mij is?” Haar gezeur putte Simson zo intens uit dat hij er doodziek van werd. Hij opende zijn hele hart en vertelde haar de absolute waarheid: “Er is nog nooit een scheermes over mijn hoofd gegaan, want ik ben vanaf de moederschoot een Nazireër van God. Als mijn haar wordt afgeschoren, zal mijn kracht van mij wijken en zal ik zo zwak zijn als ieder ander mens.”
Delila begreep dat hij deze keer zijn hele hart had blootgelegd. Ze liet hem in slaap vallen op haar schoot en riep een man die de zeven lokken van zijn hoofd afschoor. Zijn kracht week direct van hem. Toen zij riep: “De Filistijnen overvallen je, Simson!”, ontwaakte hij uit zijn slaap en dacht: “Ik zal net als de vorige keren vrijbreken.” Hij wist echter niet dat de Heer hem had verlaten.

De Molensteen en de Tempel van Dagon

De Filistijnen grepen hem, staken zijn ogen uit en voerden hem mee naar Gaza. Daar ketenden ze hem met koperen boeien en zetten hem gevangen in de kerker, waar hij een zware molensteen moest draaien om graan te malen. Ondertussen begon het haar op zijn hoofd, dat afgeschoren was, langzaam weer te groeien.
Kort daarna kwamen de Filistijnse stadsvorsten bijeen in de tempel van hun god Dagon voor een groot offer- en overwinningsfeest. Ze riepen uit: “Onze god heeft onze vijand Simson in onze handen gegeven!” Toen ze vrolijk waren geworden, eisten ze dat Simson uit de gevangenis werd gehaald om hen te vermaken.
Simson werd tussen de twee centrale steunpilairen van de tempel geplaatst. De tempel zat overvol met mannen en vrouwen; alle stadsvorsten waren aanwezig en op het dak stonden nog eens drieduizend mensen toe te kijken. Simson vroeg de jongen die hem aan zijn hand leidde: “Laat me de pilaren voelen waarop het gebouw rust, zodat ik daartegenaan kan leunen.”
Toen riep Simson de Heer aan: “Heer, mijn God, denk toch aan mij! Geef me alstublieft nog één keer mijn kracht terug, zodat ik me in één klap op de Filistijnen kan wreken voor mijn twee ogen.”
Simson klemde zijn armen om de twee middelste kolommen waar de tempel op rustte, de ene met zijn rechterhand en de andere met zijn linkerhand. Hij riep uit: “Laat mijn leven eindigen samen met dat van de Filistijnen!” Hij zette met al zijn resterende macht kracht, waarop de enorme tempel instortte bovenop de stadsvorsten en het hele volk dat erin was. Het aantal mensen dat Simson bij zijn sterven doodde, was groter dan het aantal dat hij tijdens zijn hele leven had gedood.
Zijn broers en zijn hele familie kwamen daarna naar Gaza, haalden zijn lichaam weg en begroeven hem tussen Zora en Estaol, in het graf van zijn vader Manoach. Hij had Israël twintig jaar lang geleid.

Leave a Comment